De gebeurtenissen tot 1519

Luther ziet zich door de groeiende druk genoodzaakt zijn stellingen door verdere geschriften nader toe te lichten en te verduidelijken. Hij zelf uit zich in het jaar 1518 met het verweer, dat hij met de stellingen alleen maar een misstand wilde opruimen en niet het hele pausdom uit zijn voegen wilde lichten.
Toch is de lawine nu niet meer te stuiten. De Curie reageert drastisch op de vermeende ketter: In 1518 wordt in Rome het proces tegen deze ketter geopend. Dit blijft echter rusten omdat het land met de regeling van de opvolging van de overleden keizer Maximilianus bezig is. Na de keuze van karel V tot keizer wordt de strijd tegen Luther en zijn aanhangers echter voortgezet.